Archief voorAnne

Tenslotte meeneemtentamen

Ervaring met het schrijven van een weblog had ik niet. Van de term ‘user generated content’ had ik nog nooit gehoord. En dat Tim Berners Lee zich zorgen maakte over de groei van het internet, daar lag ik geen nacht van wakker. Nu is dat anders en ik ben blij dat ik deze ervaringen en kennis mee kan nemen naar mijn toekomstige werkplek, waar ik het zeker nodig zal hebben. Dit zal op de redactie van een mode-magazine zijn.

(in Word zijn het 5 regels)

Opdracht 3 meeneemtentamen

Papier vs. digitaal

De site www.fashionunited.nl geeft vakinformatie, diensten en bedrijfsondersteunende informatie op het gebied van mode. Er bestaat van deze site geen papieren versie. Ik heb voor deze site gekozen, omdat ik hier veel aan gehad heb tijdens mijn vorige opleiding (mode-lyceum). Het is een site waar ontzettend veel informatie op te vinden is. Van bedrijfsgegevens en modebeurzen tot vacatures in de modebranche. Daarnaast beschikt de site over een forum.

De site www.jmouders.nl  is een vakblad voor ouders. Maandelijks wordt de papieren versie uitgegeven. Deze site biedt een meerwaarde door middel van een forum op de site. Hier kunnen ouders ervaringen uitwisselen. In contact komen met iemand met dezelfde problemen op het gebied van opvoeden is erg fijn. Daarnaast kan je als ouder je mening over een stelling mailen. Verder beschikt de site over een lange lijst met links op het gebied van opvoeden. Alleen de digitale versie kan deze diensten aanbieden. 

De criteria die ik bij de selectie heb gehanteerd zijn:

  • de informatie op de site is betrouwbaar en informatief
  • de site is overzichtelijk
  • De website richt zich op een concrete doelgroep
  • de illustraties en teksten zijn relevant  

Bronnen:

www.fashiounited.nl

www.jmouders.nl

  

Opdracht 2 meeneemtentamen

Verboden toegang

Het is woensdag 10 januari. Vol inspiratie open ik de profielensite ‘hyves’ en klik op ‘plaats nieuw blog’. Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik als 2e jaarsstudent Redactie en Mediaproductie niet kan achterblijven in de wereld van ‘user generated content’. Met gemak gooi ik in één minuut mijn privé leven op straat en is mijn anonimiteit opgeheven. Na slechts een uur zie ik dat mijn weblog door negen mensen is bekeken. Even voel ik mij als een Big Brother –bewoner in het Big Brother huis, maar als snel verdwijnt dit gevoel en ben ik in gedachten al bij weblog nummer twee.

Iedereen is traceerbaar via het net. Sites zoals hyves, cu2 en andere sociale netwerken helpen hieraan mee. Ik ben ervan overtuigd dat het gevaarlijk kan zijn. Toch weerhoudt mij dit niet om met het schrijven van weblogs door te gaan. Ik ben me bewust van wat ik opschrijf en wie dit allemaal kan lezen. Er zit een groot verschil tussen mij en tienermeisjes die dit gevaar niet inzien en lid zijn van sociale netwerken zoals hyves, Cu2 en Sugababes. Deze meisjes wisselen persoonlijke informatie uit met de buitenwereld. Zij plaatsten foto’s, waar zij zo aantrekkelijk mogelijk op staan en zij geven hun privé-gegevens, zoals telefoonnummers en mailadressen als het ware cadeau aan loverboys en pedofielen.  

Columnist en journalist Herbert Blankesteijn is tegen anonimiteit op internet. Op zijn weblog schrijft hij het volgende: “Waarom zou je anoniem willen zijn? Nergens om, vind ik bijna altijd. Ik schrijf hier onder mijn eigen naam; waarom zouden jullie dat niet doen? Ik erger me aan al die flauwe schuilnamen, dus wees een vent – ook als je een meisje bent”. Het is duidelijk dat Blankesteijn de vooruitgang belangrijker vindt dan het gevaar van de opgeheven anonimiteit.

Het stelt mij gerust dat niet iedereen hier zo makkelijk over denkt. Zo is Tweede kamerlid Ada Gerkens er wel van overtuigd dat er meer aandacht nodig is voor de gevaren van internet. Zij zegt het volgende: “Ouders zijn zich niet bewust van de gevaren. Ze weten onvoldoende van het fenomeen af. Maar ook kinderen zijn vaak nogal laconiek. Het is een groot probleem dat jongeren niet beseffen dat alles wat zij op internet doen, in hun latere leven gevolgen zal hebben. Als je later gaat solliciteren, wil je niet dat je toekomstige werkgever via Google een foto van Sugababes kan opdiepen”.  

Ook Tim Berners-Lee, één van de ontdekkers van het internet, spreekt zijn bezorgdheid uit. “Indien het internet ongecontroleerd blijft groeien, dreigen er grote gevaren. Bepaalde ondemocratische elementen zouden kunnen opduiken en desinformatie zou zich over het internet kunnen verspreiden”.  

Ondanks dat de opgeheven anonimiteit op internet nadelige gevolgen kan hebben, blijf ik een weblog schrijven. Zolang ik voorzichtig met mijn gegevens om ga, ligt het gevaar niet op de loer.  

Bronnen:

http://www.webwereld.nl/articles/43196/-voorlichting-overheid-anoniem-internetten-schiet-tekort-.html 

http://www.hccmagazine.nl/index.cfm?fuseaction=home.showColumns&id=48773&type=4&CFID=30287802&CFTOKEN=a2d8fc550854525-49D2951D-AF6B-B3AE-2BA18563CD5E979B 

http://managing21.skynetblogs.be/post/3839835/tim-bernerslee-wil-webwetenschap

Opdracht 1 meeneemtentamen

Jij en ik

Anno 2007 is de term ‘user generated content’ (UGC) niet meer weg te denken uit de digitale wereld. Tegenwoordig maakt iedereen op het net wel gebruik van user generated content. Kijk alleen al naar sociale netwerken zoals, hyves en Cu2 en naar sites zoals Wikipedia en YouTube. Video’s, teksten en foto’s zetten wij allemaal feilloos op het net.  

Iedereen kan tegenwoordig informatie en kennis verspreiden. UGC is van grote waarde voor deze activiteit.  Sommigen zijn er zelfs op uit om onwaarheden op het net te plaatsen. Een enkele naïeveling neemt dit vervolgens klakkeloos over. Een redacteur is dus wel degelijk nodig. Laurens Verhage, journalist en hoofdredacteur van Nu.nl zegt hier het volgende over: “De hoeveelheid user generated content zal het komend jaar verder toenemen. De journalistieke check blijft echter belangrijk. De toekomst ligt in een goede combinatie van de traditionele journalistiek en burgerjournalistiek”.

Ik ben het eens dat het niet de bedoeling is dat redacteuren bepalen wat er wel en niet op het web gepubliceerd mag worden. Op deze manier werk je het verschijnsel UGC tegen. De redacteuren moeten ervoor zorgen dat het niet uit de hand loopt. Dus controleren op grof taalgebruik, onwaarheden en beledigingen.  

Columnist Nienke Becker is ervan overtuigd dat professionele schrijvers/ redacteuren veel kunnen leren van de amateurs op het web. “Er is natuurlijk een verschil tussen amateuristische en professionele schrijvers/redacteuren. Maar dankzij de bijdragen van de amateurs kunnen de professionals diepere, rijkere en betere verhalen vertellen over producten, services, etc.”.

Paul Molenaar (CEO van Ilse Media en COO Online en Media Innovatie bij uitgever Sanoma, moederbedrijf van Ilse) ziet de toekomst treuriger in. Hij denkt dat er uiteindelijk maar twintig procent van de huidige 13 à 14 duizend journalisten in Nederland overblijven. “Redacties van honderd man zijn voorbij”, aldus Molenaar.  

Het fenomeen UGC ontwikkelt zich steeds verder. Zo toonde CNN een video van gevechten in Libanon. Deze video is gemaakt door een ooggetuige. De video heeft CNN rechtstreeks via het web opgespoord. “User generated content heeft de potentie om een centrale rol te spelen in de journalistiek, zowel offline als online”, zegt Mich Gelman, senior vice president en producer bij CNN.Nederland lijkt hier nog niet klaar voor te zijn. Peter op de Beek, directeur RTL interactief, zegt het volgende: “Je geloofwaardigheid staat op het spel als beelden in scène zijn gezet. Het is moeilijk om te beoordelen of beelden echt zijn of niet”. Duidelijk is dus dat ook journalisten gebruik maken van de burgerjournalistiek om nieuws op te sporen. 

User generated content is van grote waarde voor opinie maken. Klakkeloos de mening van de media aannemen is niet meer nodig. Iedereen kan nu zelf via het web haar of zijn mening uiten aan een grote groep mensen, dus ook jij en ik!  

Bronnen:  

http://www.denieuwereporter.nl/?p=567

http://www.emerce.nl/nieuws.jsp?id=1654088 

http://www.denieuwereporter.nl/?p=733#more-733

http://www.admanager.nl/mail/column.php?id=67&backlink=/online/columns.php

Cross, multi, of allebei? (5)

Zaterdag 4 november 2006. Het is half 7 ‘s avonds en ik zit op een koud, klein rot stoeltje in het Gelredome in Arnhem. Ik besef dat ik nog anderhalf uur mag staren naar een massa mensen. Langzaam dwalen mijn ogen af naar een groot beeldscherm. Het volgende wordt hierop geprojecteerd: ‘sms nu jouw boodschap naar 3232 en iedereen kan het lezen!’. Ik pak mijn mobiel en typ een bericht in: ‘hé, jij daar met dat rode shirt!’. Ik druk op ‘zend’ en mijn ogen zijn het komende uur gericht op het grote beeldscherm. 

Net voordat mijn geduld opraakt zie ik eindelijk mijn boodschap op het beeldscherm staan. ‘Hé, jij daar met dat rode shirt!’. Een kleine glimlach verschijnt op mijn gezicht. Yes, het werkt!

Is dit voorbeeld nu een duidelijke vorm van crossmedia of multimedia? (Het antwoord vind je aan het einde van deze pagina). Wat is het verschil tussen beide termen?

De Vlaamse Radio- en televisieomroep (VRT) zegt hier het volgende over:

‘Bij een crossmediaal aanbod werken verschillende media samen, bijvoorbeeld televisie en internet, vaak onder dezelfde identiteit. Ze versterken elkaar en zorgen zo voor een rijkere beleving. Een multimediaal aanbod geeft de gebruiker meer keus. Hij kan hetzelfde aanbod raadplegen via verschillende kanalen. Hij kan televisie kijken niet alleen via zijn televisietoestel, maar ook via zijn computer of een gsm van de nieuwste generatie’.

Een zuivere vorm van crossmedia is een sms’je naar je favoriet in Idols sturen. Een zuivere vorm van multimedia is televisie kijken op je computer.

Duidelijk is dus dat beide vormen de media versterken. Maar wat hebben vaktermen als ‘bestandsformaat’ en ‘platform-onafhakelijkheid’ hiermee te maken? Ik bespreek eerst de term bestandsformaat. Bij multimediaal aanbod  kan je kiezen tussen verschillende media. Kijk je televisie via een toestel of liever in de bus via je gsm. Video, muziek en foto’s hebben verschillende bestandsformaten. Zo heeft muziek als bestandsformaat mp3 en een foto jpg.

Platformonafhankelijkheid betekent dat websites onafhankelijk van het computersysteem en de instellingen van de gebruiker toegankelijk moeten zijn (bron: WDG). Dit houdt dus in dat iedereen een website moet kunnen bekijken. Stel je eens voor dat een verkoper van BCC je verwijst naar hun website. Eenmaal thuis ga je op de site kijken en kan je een afbeelding van die, oh zo mooie, Philips LCD TV niet openen. Wat doe je dan? Inderdaad, surfen naar een andere site.

Laat ik even naar de toekomst kijken. Zullen de termen crossmediaal en multimediaal in 2015 nog bestaan? Ik ben overtuigd dat beide termen een toekomst hebben. Wel zullen ze, naar mijn mening, zich nog meer gaan ontwikkelen. Net zoals crossmedia een toevoeging is op multimedia. Want zeg nu zelf, je doelgroep bereiken via verschillende media en ze ook nog in actie krijgen is toch de wens van elke ondernemer?

Bronnen:

http://www.htmlhelp.com/nl/design/accessibility/tips.html 

Antwoord: crossmedia  

Laden annuleren alstublieft (4)

Een moment geduld a.u.b. … de pagina wordt geladen. Voor deze pagina moet u Javascript hebben ingeschakeld. ERROR. De computer wordt opnieuw opgestart.  

Dit was het eerste dat in mij opkwam toen ik hoorde over de digitalisering van boeken. Zoals al eerder vermeld, heeft mijn computer vijf virussen gevonden. Zit mijn computer vol met foto’s en moet dit arme apparaat ook nog stapels boeken gaan downloaden. Ik heb al snel door dat mijn gedachte een beetje kortzichtig is en ik ga mij eens goed verdiepen in genoemde digitalisering. Of is het niet eens zo nieuw als ik denk?

Even terug de tijd in, we gaan naar het jaar 1971. Sinds dat jaar werkt het project Gutenberg aan het digitaliseren van boeken. Op dit moment zijn er zelfs al 17.000 e-books gratis te downloaden.

Sinds 2005 is het Google Library project van start gegaan. Wij, studenten, kunnen nu in de collectie van vijf grote bibliotheken zoeken. Of het boek dat je zoekt erbij zit, blijft de vraag want de bibliotheken bepalen zelf welke boeken zij laten digitaliseren. Ik word steeds enthousiaster over dit project en besluit iemand te zoeken die mij daarin ondersteunt. Sidney Mock, marketing director van Google Benelux. Hij zal hier vast meer over te zeggen hebben en wellicht over enige kennis beschikken.

Wij zien in onze programma’s alleen maar voordelen. De uitgever kan via ons betere verkoopresultaten behalen door de link die we naar hem aanbrengen, maar ook naar online boekhandels die hun boeken verkopen. Schrijvers kunnen via ons een groter publiek bereiken. Bibliotheken kunnen, door de samenwerking die we zijn aangegaan met OCLC, hun collecties beter zichtbaar maken. En de gebruikers voor wie we het doen, hebben er het meeste profijt van. Alle werken in het publieke domein zijn gratis online te lezen’, aldus Sidney Mock.  

Toch blijft die ene zin aan het begin van dit verhaal door mijn hoofd malen. Terwijl de reclamestunts voordurend over mijn beeldscherm vliegen, beangstigt mij het idee dat mijn computer het niet meer aankan.

De bibliotheek van de TU werkt aan de digitalisering van boeken. Marc Kloet vertelt hier  het volgende hierover: ‘De digitalisering lijkt niet op het juiste moment te komen. Teveel wordt vertrouwd op technieken die (nog) niet bestaan. Allereerst is het met de huidige techniek vervelend om een boek van een scherm te lezen. Een scherm knippert, staat rechtop en kent een (te) lage resolutie’. 

Het digitaliseren van boeken heeft dus zowel voor- als nadelen. De uitgevers zullen hun verkoopresultaten zien stijgen en de bibliotheken kunnen hun collecties beter zichtbaar maken. Hoe dan ook, Google gaat voor de democratisering van informatie!

Ik denk dat Sidney gelijk heeft en dat wij op het gebied van digitalisering een mooie toekomst tegemoet gaan. Toch krijg ik die ene zin niet uit mijn hoofd en dwaal ik stiekem af naar dat schitterende boek van Milan. Dat mooi ingepakt op de glimmende zwarte klep van de piano lag…

Bronnen:

http://www.delta.tudelft.nl/archief/j36/n08/18651

http://www.robcoers.nl/artikelen/googlebooks1.html

Algemene informatie betreft digitalisering van boeken: LexisNexis 

Recente ontwikkeling (3)

“Goedemiddag met de ABN Amro bank. Spreek ik met mevrouw Vergunst?”. Verbaasd antwoord ik: ‘ Ja’. Ik zit helemaal niet bij deze bank. Wat willen ze van me weten en hoe komen ze überhaupt aan mijn telefoonnummer? “Hallo mevrouw, bent u er nog? U heeft een paar maanden geleden mee gedaan aan het spel: schiet de meeste konijnen dood. En u heeft een prijs gewonnen”. Ik heb geen idee waar deze stem aan de andere kant van de lijn het over heeft. “U kunt uw prijs morgenochtend ophalen in uw woonplaats. Tot ziens”.

Sinds dit telefoongesprek doe ik nooit meer mee aan spelletjes op internet en met mijn e-mailadres ga ik zorgvuldig om. Ik was benieuwd naar mijn prijs. Je weet maar nooit, straks staat die glimmende BMW Z5 voor de deur van de ABN Amro bank, met een groot rood lint erom heen. Mijn fantasieën houden al snel op, wanneer ik de bank binnen loop en vervolgens na ruim een half uur het pand weer verlaat. Een half uur lang heb ik de mevrouw duidelijk moeten maken dat ik niet van bank wil wisselen.  

De laatste jaren zijn spam (ongewenste reclame in mailbox) en virussen enorm toegenomen op het internet. Een grote ergernis voor veel internetgebruikers. Meer dan 70% van de verstuurde e-mail is ongewenst (spam). Het internet loopt grote vertragingen op en virussen kunnen schadelijk zijn voor je documenten en je harde schijf. Maar wat kan je hier tegen doen? Bijna elke computer heeft tegenwoordig een virusscanner. Deze scanner zorgt ervoor dat hardnekkige virussen je computer niet inkomen. Maar het voorkomen van spam is bijna onmogelijk. Doordat spam altijd in ontwikkeling is moeten filters constant worden aangepast om deze ongewenste reclame te bestrijden.

Virusdeskundigen van het bedrijf Kaspersky Lab waarschuwen computergebruikers voor aanvallen met wormvirussen via MSN Messenger. Door het versturen van een bestand en een tekst naar een contactpersoon worden de wormen verspreid. Terwijl ik dit typ laat ik de virusscanner mijn computer eens goed onder handen nemen. Ik vermoed dat die wormen op dit moment ook mijn computer aan het terroriseren zijn. Ik werk verder op een andere computer en laat de virusscanner zijn gang gaan.  

Bedrijven en ook particulieren zijn de laatste jaren sterk afhankelijk geworden van e-mail. Kijk alleen al naar studenten. Als student wissel je eerder e-mailadressen met elkaar uit dan telefoonnummers. “Anno 2006 stellen ondernemingen hoge eisen aan e-mail. Dat is ook niet zo vreemd als je bedenkt dat hedendaagse bedrijven veelal afhankelijk zijn van e-mail als communicatiemiddel” zegt René van Dormolen, Product Solution Manager bij Microsoft. Dit is één van de redenen waarom ik denk dat e-mail als communicatiemiddel niet snel zal verdwijnen. Steeds meer mensen maken er gebruik van en de drempel om contact met iemand op te nemen ligt een stuk lager dan bij het gebruik van een telefoon. Toch kan het zo zijn dat bedrijven in de toekomst minder afhankelijk worden van e-mail. Dit komt omdat er steeds meer alternatieven worden ontwikkeld. Zo wordt Instant messaging gezien als een nieuwe communicatievorm. Voorbeelden van instant messaging netwerken zijn: MSN, ICQ en Google Talk. Het voordeel van deze vormen is dat een bericht veel sneller wordt overgebracht dan bij e-mail het geval is.

Ook al denk ik dat e-mail niet snel verdwijnt, Joost Steins Bisschop denkt hier heel anders over. Lees maar eens zijn column: http://www.frankwatching.com/archive/2006/11/17/Gastcolumn_In_memoriam_het_eze. Toch voel ik me een klein beetje opgelucht tijdens het lezen van zijn column. Nooit meer zal ik in de verleiding worden gebracht om ‘schiet de meeste konijnen dood’ te spelen! Terwijl ik fantaseer over mijn BMW Z5 word ik opgeschrikt door een fel geluid. Mijn computer geeft het volgende aan: 5 virussen gevonden!      

Bronnen:

http://www.microsoft.com/netherlands/itmanager/trendsenontwikkelingen/exchange.aspx 

http://support.active8.nl/index.srf?pkn=file_id&pkv=43&lang_id=360 

http://beveiliguwpc.arianvisser.nl/virussen.htm

Recente ontwikkeling (2)

Overleeft de tijdschriftenbranche dit fenomeen?   

Over twintig jaar worden lezers schrijvers en kijkers producenten’.  Je zou voor gek worden verklaard wanneer je in 1986 deze uitspraak op de Nederlandse televisie openbaar maakte. Beter gezegd, al zei je dit alleen al tegen de caissière van de plaatselijke supermarkt. Ook al lag ik in dat jaar nog in de wieg, ik ben ervan overtuigd dat ik hetzelfde had gedacht. In 2006 noemen we dit verschijnsel: user generated content. Heerlijk toch om zelf te bepalen wanneer je favoriete programma op televisie komt. ‘The user is in charge! En hoe meer content, hoe beter’. Maar niet iedereen is het hier mee eens. De Tros en de NCRV vinden het allemaal niet nodig. “Een televisie station als de TROS is heel goed in het maken van interessante, informatieve programma’s voor een grotere doelgroep. Wie een video wil zien over het plakken van een fietsband gaat wel naar YouTube of Google Video”, aldus Idse de Pree van de Tros. Ik moet zeggen, ze heeft wel enigszins gelijk. Televisie gaat meer op internet lijken en internet meer op televisie.  

Maar waarom is dit fenomeen zo aantrekkelijk? Kijk eens alleen naar deze weblog. Ik kan alles er zelf op plaatsen en geef nou toe, een klein beetje interessant vind je het wel. Je muis was anders bij het woord ‘user generated content’ al richting het kruisje rechts bovenin gegaan. Maar ook sites zoals Wikipedia en MySpace vallen onder UGC.

Zelfs hyves wordt uiteindelijk een tv zender met UGC. ‘Het online sociale netwerk Hyves.nl zet de eerste stap richting een eigen digitaal themakanaal met de lancering van Hyves.tv’. Hyves-oprichter Raymond Spanjar zegt het volgende: “We ontvangen maandelijks nu al 15.000 filmpjes. We mikken op maandelijks 100.000 nieuwe films, versus 2 miljoen foto’s.” 

Oké, het virus UGC heeft het internet al bereikt, maar gaat het zover totdat we onze eigen tijdschriften kunnen gaan produceren? Of is de tijdschriftenuitgeverij er op tijd bij om dit virus tegen te houden. Even een blik op deze site http://www.ellegirldigital.nl/ en je weet genoeg. Een tijdschrift online bekijken en zelf je mening kunnen geven is al mogelijk. Het laatste stukje naar ‘produceer je eigen tijdschrift’ lijkt niet ver meer van ons af te staan.  

En inderdaad, Adformatie meldt dat Streaming content bedrijf Hip TV en de Telegraaf Tijdschriften Groep (TTG) dit najaar met een site komen die volledig gericht is op entertainment voor en door het publiek gemaakt. Clip‘it gaat de site heten.  

Of het nu ook zo snel gaat voor ELLEgirl en andere soortgelijke tijdschriften blijft de vraag. Ik ben ervan overtuigd dat dit een ultieme kans is voor de tijdschriftenwereld. Hoe dan ook moet je mee gaan met deze veranderingen, om te kunnen overleven in een wereld van trends en ontwikkelingen. 

Ik ben benieuwd en wacht vol spanning af. Net als de caissière uit 1986!

Bronnen: 

http://www.inct.nl/index.php?page=nieuwsartikel&id=64 

http://www.copypaste.nl/117/hyves-wordt-uiteindelijk-tv-zender-met-user-generated-content/ 

http://www.molblog.nl/crossmedia/4017/fromfeed

Recente ontwikkeling (1)

Het Internet als discussie punt NL   

Hoe moet het verder? Hoe ziet de toekomst van ons land eruit? Vragen die tegenwoordig nogal eens gesteld worden. Het lijkt soms wel of Nederland terecht gekomen is in een neerwaartse spiraal van een negatieve en ontevreden houding. Moeten wij niet blij zijn met wat het land al heeft bereikt. Vooral de laatste jaren gaat het economisch gezien goed met ons land. Maar daar wordt dan een dag over gesproken en vervolgens wordt de kraan van optimisme weer dichtgedraaid. Zo ook de discussie over de explosieve groei van het World Wide Web. Hoe groot is dit probleem nu eigenlijk? 

Sinds 2004 is internet razend populair. In tien jaar tijd is het World Wide Web uitgegroeid tot maar liefst 100 miljoen sites. Je hoeft niet over een goed brein te beschikken om een internetsite te maken. Tegenwoordig kan iedereen haar of zijn informatie op internet plaatsen. Betrouwbaar of niet? Dat moet de gebruiker maar zelf uitzoeken.

 

Tim Berners-Lee, één van de ontdekkers van het internet, spreekt zijn bezorgdheid uit. Hij is bang voor een toename van ‘undermocratic things and misinformation’. Oftewel, té veel verkeerde informatie kan leiden tot misopvattingen. Maar heeft het internet echt zoveel invloed op de mensheid? Nemen wij klakkeloos over wat er op het World Wide Web besproken wordt? Hoe dan ook, Berners-Lee maakt zich zorgen. Aan BBC vertelt hij het volgende: “Als wij nu al niet in staat zijn om de groei van het internet te begrijpen, zal het van kwaad tot erger gaan”.

Berners-Lee wil een project starten waarin hij  de sociale consequenties van de ontwikkeling op het web bekijkt.  Berners-Lee hoopt dat er een nieuwe wetenschap gecreëerd wordt  die leidt tot nieuwe en meer enerverende systemen.

Niet alleen de BBC meldde dit nieuws 2 november j.l. , ook het Parool berichtte haar lezers over dit feit. En door  wie wordt deze groei ‘voornamelijk’ veroorzaakt? Inderdaad, door de bloggers!   

Bronnen:

 http://www.parool.nl/media/2006/NOV/110206-miljoensites.htmlhttp://news.bbc.co.uk/2/hi/technology/6108578.stm

Formule persoonlijk weblog van Anne

Doel van mijn weblog: 

Het doel van mijn log is om door middel van wereldnieuws en meningen daarop gebaseerd, eigen ervaringen en interessante nieuwtjes, leeftijdsgenoten te trekken naar mijn weblog. Een log waar meningen op bepaalde zaken worden geuit en worden vergeleken met elkaar. Dus denk niet alléén aan wereldnieuws, maar ook aan onderwerpen waar jongeren zich dagelijks mee bezighouden. Tips over: uitgaan, muziek, je studie en soms sport vormen de basis van mijn log.  

Daarnaast wil ik op mijn weblog een uitgaansagenda maken. Hierop komt precies te staan waar en wanneer er leuke feesten georganiseerd worden (voornamelijk in Amsterdam en omstreken). Vervolgens komt er een link die je direct doorverwijst naar de desbetreffende site waar het feest wordt georganiseerd.  

Doelgroep van mijn weblog: 

Zoals al eerder vermeld is de doelgroep van mijn log jongeren tussen de 18-25 jaar. Wanneer ik  mijn doelgroep beperk tot alleen studenten, loop ik waarschijnlijk een groot deel van mijn doelgroep mis. Ik heb voor deze doelgroep gekozen, omdat ik zelf tot deze groep behoor. Ik schrijf o.a. over mijn eigen ervaringen die minder interessant zijn voor een andere doelgroep.  

De functie van mijn weblog: 

Mijn weblog heeft een sociale functie. Ik deel immers mijn eigen ervaringen en informatie met anderen. Daarnaast is de functie van mijn log ook tijdverdrijf en ontspanning.   

De redactionele formule van mijn weblog:

 Mijn log bestaat uit de volgende onderwerpen/ rubrieken: 

  • Tips (over uitgaan, werk en studie, sport, lifestyle en beauty, muziek, gezondheid en reizen)
  • Actueel nieuws (zowel buitenlands- als binnenlandsnieuws) 
  • Uitgaansagenda (waar en wanneer is er een feest) 

Elke maand wil ik aan mijn log een toegevoegde waarde geven in de vorm van een klein interview met een interessant persoon. Dus een persoon die een duidelijke mening heeft over een bepaalde zaak. Of in de vorm van een kleine test: “Leef jij eigenlijk wel gezond?”. Of een rubriek die helemaal gewijd is aan de maand december. Wat moet ik kopen voor mijn nieuwe schoonfamilie? Hoe moet ik reageren als ik een heel lelijk cadeau krijg? Jongeren kunnen hier ervaringen en tips met elkaar uitwisselen.  

De vormgeving van mijn weblog: 

De uitstraling van mijn log wordt jong, natuurlijk met een combinatie van stoer en trendy. Woorden die misschien weinig zeggen, hier een voorbeeld van alleen de sfeer: www.diesel.com

De tone-of-voice is informeel en levendig. De teksten zijn foutloos geschreven en bevatten maximaal 20 regels.

De verhouding tekst-beeld zal 80-20 worden. Het beeld dat ik zal gaan gebruiken is tekstondersteunend. Ik maak gebruik van zowel zwartwit foto’s als van kleurenfoto’s. Dit omdat kleurenfoto’s soms iets meer zeggen en laten zien dan zwartwit foto’s. Andersom kan dit natuurlijk ook het geval zijn.