Archief voorEveline

Opdracht 1: User Generated Content

De Time heeft de internetgebruiker uitgeroepen tot de belangrijkste persoon van het jaar. Zoals ze het zelf zeggen: ‘YOU!’ De gebruiker wordt dan ook steeds belangrijker. Wij zijn ineens verkozen tot het belangrijkste persoon (of eigenlijk belangrijkste personen) van het jaar 2006; wie had dat nou ooit gedacht?!

Lev Grossman, schrijver en journalist bij onder andere de Time, geeft als reden voor deze uitslag: “Omdat je de teugels van de globale media in handen hebt gehouden, omdat je de digitale democratie opgebouwd en afgekaderd hebt, omdat je voor niets hebt gewerkt en omdat je de professionals op hun eigen gebied hebt verslagen, ben jij Time’s persoon van het jaar 2006″.

Lev Grossman hecht dan ook veel waarde aan user generated content (UGC) . Hij zegt dat de internetgebruikers de professionals hebben verslagen op hun eigen gebied. Met andere woorden, er is niet zo zeer een redacteur  nodig bij het maken van content. Als wij stukken tekst, films, foto’s etc. op internet willen zetten, hoef je geen professional te zijn om kwaliteit te leveren. Ook amateurs zijn hier heel goed tot in staat.  

Pascal Sellers is een opiniemaker bij marketingportaal.nl. Hij geeft acht redenen waarom UGC belangrijk is. Hieronder de meest relevante:

  • Mensen willen graag invloed hebben op het nieuws. Ze willen graag zelf kunnen selecteren en meediscussiëren.
  • Mensen willen graag mee kunnen schrijven. Op deze manier krijgen ze het gevoel dat hun kennis waardevol is.
  • Top-down communiceren werkt niet meer via internet. De mensen willen niets opgelegd krijgen maar zelf kunnen kiezen.

Wel zegt Sellers dat het ontzettend fout kan gaan. Zo moest er bijvoorbeeld een medische nieuwssite en kennissite komen. De bouwers van de website deden alles zelf, ook het invullen van het medische nieuws. De site flopte en het bedrijf ging failliet. Waarom? Hun grootste probleem was loslaten. Niet alles kan door amateurs geschreven worden, voor sommige dingen heb je nou eenmaal mensen nodig die kennis van zaken hebben, aldus Sellers.  

Merien van Houten is een van de uitgevers van het nieuwe online tijdschrift Sync.nl. Dit tijdschrift zal het voornamelijk hebben over wetenschap, techniek en ondernemen. De kernredactie zal bestaan uit een paar mensen. De subredactie bestaat uit wisselende auteurs die een groot deel van het tijdschrift vullen. De content van sync.nl zal dan ook voor een groot deel door amateurs worden geschreven, UGC dus. Het is dan ook overbodig om te zeggen dat van Houten denkt dat UGC grote waarde kan hebben voor opinie maken, informatie en kennis verspreiden en nieuws opsporen, al verschilt zijn mening met die van Grossman. Om de inhoud van sync.nl niet geheel te laten bepalen door UGC, zijn er toch nog een aantal vaste redacteuren in dienst. Van Houten denkt dus dat er met mate redacteuren nodig zijn om het geheel aan te sturen. 

Kortom: UGC heeft grote waarde voor activiteiten als nieuws opsporen, opinie maken en informatie en kennis verspreiden, toch zijn hier wel redacteuren bij nodig zodra het om een professioneel product neer te zetten.   

498 woorden 

Bronnen: 

http://www.techzine.nl/nieuws/11517/Time-Magazine:-internetter-persoon-van-het-jaar.html 

http://en.wikipedia.org/wiki/Lev_Grossman

http://www.marketingportaal.nl/artikel/173/Waarom-user-generated-content

http://www.denieuwereporter.nl/?p=744#more-744

Opdracht 2: Openbaarheid

Is het belangrijk om anonimiteit te hebben als Internetgebruiker? Je hebt al minder anonimiteit dan je in de eerste instantie denkt. Gegevens worden aan de lopende band geregistreerd. Alle zoekopdrachten die je bij google invoert, worden opgeslagen. Via je e-mailadres en je persoonlijk profiel op hyves en zo meer zijn weer andere persoonlijke gegevens te vinden. Maar toch willen we anoniem reacties en berichten op het net plaatsen. Er worden anoniem berichten geplaatst met onveilige informatie, schadelijk voor de samenleving. Dat is natuurlijk niet goed. Zou de anonimiteit dan maar helemaal moeten worden opgeheven?  

Chris Beek en Maarten Hartsuijker zijn security consulant bij Getronics PinkRoccade. Zij hebben een stuk op Internet gepubliceerd waarin zij pleiten voor een openbaring van identiteit van Internetgebruikers. Beek en Hartsuijker vinden anonimiteit minder zwaar tellen dat het feit dat iedereen nu anoniem informatie op het net kan zetten die in de samenleving moeilijk te verkrijgen is. In hun artikel geven zij als voorbeeld dat kinderporno en ‘hoe maak ik een bom in tien edities voor beginners’ nu voor iedereen met interesse, makkelijk te vinden is. De kans op gepakt te worden voor bedreiging, chantage, beroving of het voorbereiden van aanslagen is veel kleiner geworden door de komst van Internet. Naar hun mening is het dan ook hoog tijd geworden voor de overheid om het digitale onderzoek te steunen door van iedereen bij te houden wat zij uitvoeren op Internet.  

Anton Ekker denkt juist dan anonimiteit bewaard moet blijven. Hij heeft een proefschrift geschreven over ‘Anonimiteit en uitingsvrijheid’ en is werkzaam aan de Universiteit van Amsterdam. In een interview met Peter Olsthoorn voor ‘Netkwesties’ – magazine over vrijheid, rechten en regels op Internet – licht hij zijn mening toe. In dit gesprek zegt Ekker dat anonimiteit een belangrijk goed is dat moet blijven bestaan. Hij denkt dat Internet alleen kan blijven bestaan als vrij communicatiemiddel wanneer mensen het anonimiteitgevoel hebben. Voor het pleiten van het voorbestaan van anonimiteit voert Ekkers aan dat journalisten gebruik kunnen maken van anonieme bronnen. En dat dat een recht is wat toch moeten blijven bestaan. Ook zegt hij nog dat er veel nuttige informatie anders niet beschikbaar zou zijn.  

Ook Tim Berners-Lee houdt zich bezig met de anonimiteit van de internetter. In zijn blog schrijft hij dat anonimiteit een goed is van de mensen, maar dit mag niet misbruikt worden. Berners-Lee is niet zozeer tegen anonimiteit, maar bang dat het voor de verkeerde doeleinden gebruikt wordt. Daarom vindt Berners-Lee vooral dat het bloggen geweldig is. Mensen mogen hierop zetten wat ze denken, zelfs als hebben ze het mis. Hier is immers te achterhalen wie het erop heeft gezet, en daardoor de anonimiteit relatief.  

Tja, het is lastig. Er is voor beide kanten wel wat te zeggen natuurlijk. Ik ben het nog het meest eens met Berners-Lee. Anonimiteit is belangrijk, maar mag niet misbruikt worden. Daarom ben ik voor relatieve anonimiteit. Je kan anoniem reageren, maar via instanties en bedrijven valt na te gaan dat jij het bent. Absolute anonimiteit, dat je op geen enkele manier bent na te trekken, vind ik te ver gaan.  

 495 woorden 

Bronnen:

http://www.security.nl/article/14421/1/Anonimiteit_op_Internet_(on)mogelijk%3F.html

http://www.netkwesties.nl/editie68/artikel4.php http://dig.csail.mit.edu/breadcrumbs/blog/4

Opdracht 3: Multimediaal uitgeven

http://www.sport-business.nl/index.php 

Dit is een online vlakblad over sport en business. Er worden nieuwsberichten, artikels, meningen, brancheregister, vacatures en een sportkalender gegeven voor de mensen van dit vakgebied. Zij kunnen alle informatie krijgen op het gebied van sport dat zij willen. Er bestaat de mogelijkheid om abonnee te worden. De Sport-Business wordt dan tweewekelijks geë-maild.   

 http://www.adformatie.nl/ 

Dit is een vakblad over reclame, marketing en media waarvan zowel een papieren versie bestaat als een bijbehorende website. De website biedt echter duidelijk extra’s bij de papieren versie. Zo kan je op de site reclamefilmpjes bekijken, mee discussiëren met de rondvraag, verschillende mediazaken beluisteren, er is een agenda waarin verschillende cursussen op vakgebieden voor de adformatie op een rijtje worden gezet, links naar websites die relevant (kunnen) zijn voor de lezers, in het archief gekeken worden voor eerder verschenen artikelen.Zo kan de bezoeker veel meer uit het blad halen dan wat er verschenen is op papier. 

Ik heb bij de keuze gekeken naar de volgende criteria:

  • Interactiviteit
  • Up-to-date
  • Wat biedt de site?
  • Vorm en inhoud 

 179 woorden.

Tenslotte

In de toekomst zie ik  mezelf werken bij een redactie van een tijdschrift. Geen idee wat voor soort, daarvoor ben ik in teveel geïnteresseerd. Eerlijk gezegd weet ik niet hoe deze module hieraan zal bijdragen. Research doen had ik al geleerd en ik betwijfel of het bijhouden van een weblog onderdeel zal worden van mijn toekomstige baan. Wel waren de recente ontwikkeling opdrachten interessant en weet ik veel meer dan eerst over de onderwerpen die daarbij aan bod kwamen. Deze kennis zal wel van pas kunnen komen.  

Zoek de verschillen..

En de winnaar van Idols is…………………. JAMAI!!! Ik zal het moment niet snel vergeten. Had ik daarvoor nou op Jim gestemd??? Ik had het gevoel dat m’n smsje zo doelloos was als het maar zijn kon, Doe ik eens een keer mee, de finale is toch wel spannend, en dan wint de verkeerde! Het was de eerste keer dat ik zoiets deed, stemmen met mijn mobieltje… 

Deze keer ga ik het hebben over crossmedia en multimedia. Wat zijn het nou precies, en wat is het verschil? Heb ik in m’n intro nou een crossmedia of multimedia voorbeeld gegeven? Read and find out. 

Defintie van multimedia (Dikke van Dale)

‘Techniek of toepassing waarin beeld, geluid en tekst geïntegreerd zijn’. Multimediaal is net iets anders: ‘multi is beklemtoond, gebruik makend van tal van verschillende  (hulp)middelen. Klinkt leuk, maar ik weet nog niet precies wat het inhoudt, even m’n aantekeningen van vorig jaar erbij pakken, waar ik een vak had wat ‘Multimedia’ heet, als daar niet instaat wat het vak eigenlijk inhoudt, weet ik het ook niet meer…

‘Wat is multimedia? > een combinatie van beeld, tekst, bewegend beeld, geluid en digitaal.’ Het komt er dus op neer dat de gebruiker gebruikt maakt van meerdere middelen. Televisie kijken op internet is een zuivere vorm van multimedia.  

Adverteerders worden steeds multimedialer. Denk aan het opkomende adverteren op internet. Bijvoorbeeld: op MSN kan je bij dat cadeautjeslogo ook een Casino Royale pakket ophalen.  Ze doen dit omdat de doelgroep soms niet meer met de traditionele middelen te bereiken is.  

Definitie van crossmedia op wikipedia van Indira Reynaert:

‘Crossmedia is een kruisbestuiving van verschillende media als theater, film, radio, televisie, print media, internet, games, mobiele diensten en live evenementen waarbij de verschillende media mediumspecifieke betekenissen communiceren welke deel uitmaken van een verhaal.’ 

Dat klinkt nogal ingewikkeld, onnodig eigenlijk. Crossmedia is simpel gezegd een soort verhaal waarbij de gebruiker wordt uitgenodigd om van het ene medium naar het andere te gaan. Denk aan het spotje van KPN waar een jongen rende naar een gat in een schutting waar licht uit komt. Als je ook wil zien wat er achter de schutting is, moet je naar www.kpn.com/iris. Daar gaat het verder. Je bekijkt de reclame op twee media; televisie en internet. Nog niet duidelijk? Denk aan Idols, waar je kunt stemmen op degene die jij het beste vindt. Van de televisie naar mobiel. Zelfs De Wereld Draait Door is af en toe crossmediaal. Als er UEFA voetbal is, gaat de uitzending door op internet. En jij als kijker snel de computer aanzetten om verder te kunnen kijken.  

Door het switchen van medium gaat de communicatie van eenrichtingsverkeer naar tweerichtingsverkeer. Eerst was het alleen de media die communiceerde, wat aan jou liet zien. Nu doe je zelf ook actief mee, je laat wat horen aan de media door te smsen voor jouw favoriet bijvoorbeeld. Dat heeft natuurlijk meerwaarde:

  • Het verhaal krijgt meer niveaus, wordt gelaagder op een manier die relevant is voor de kijker.
  • Als het verhaal boeiend genoeg is, wil de kijker best moeite doen en dus overschakelen naar een ander medium. Zo krijgt de zender een beter contact met zijn klanten.

Zuiver crossmedia, ik heb het eigenlijk al gezegd, is via je mobiel je favoriet aanwijzen in een televisieprogramma; Big Brother, Idols, Sterren Dansen Op Het IJs.  


Adverteerders kunnen slim inspelen op crossmedia, de reclame een stuk interessanter maken voor ons kijkertjes. Ik zei net al KPN met z’n spotje, maar ook Campina is een fantastisch voorbeeld. Campina heeft een nieuw product ontwikkelt…. Campioentje!!! Het zou de verantwoorde zuivel voor kinderen zijn. Om Campioentje te promoten is er een koe gemaakt, genaamd Campioentje (orgineel..) De koe is te zien in televisiecommercials, kampioentjejournaal op Nickelodeon en een site. Op die site is er weer van alles te doen. Er wordt dus druk gebruik gemaakt van televisie en internet om de kindjes melk te laten drinken. 
Daphne Dijkerman is een van de eerste Nederlandse afgestuurde crossmediastudenten. Op frankwatching.com heeft zij twee stukken geschreven over het medialandschap. (Wil je lezen? http://www.frankwatching.com/archive/2006/10/14/het-medialandschap-deel-1/ en http://www.frankwatching.com/archive/2006/10/21/het-medialandschap-deel-2/) Ze heeft het over de opkomst van multimedia en crossmedia. Zij denkt dat het in de toekomst allebei zal blijven bestaan, ook doordat adverteerders steeds meer gebruik maken van zowel multimedia als crossmedia.     Wat is nou het verschil tussen cross- en multimedia? Bij crossmedia ga je als gebruiker van het ene medium naar het andere: van televisie naar mobiel, van radio naar internet en ga zo maar door. Bij multimedia is dat niet zo, je maakt gebruik van een medium tegelijkertijd. Als je televisie kijkt om je computer, gebruik jij alleen je computer. De televisie is dan een medium wat je bekijkt óp de computer.     

Om nog even terug te komen op het begin van dit stukje; je had het waarschijnlijk al begrepen, mijn intro is een voorbeeld van crossmedia.  Bronnen:  Verschillende artikelen van molblog en Frankwatching, De Dikke van Dale, aantekeningen bij Multimedia Propedeusehttp://nl.wikipedia.org/wiki/Crossmedia http://www.dondersteen.nl/meerwaarde.html http://www.picnic06.org/ http://crossmedia.startpagina.nl/ http://www.crossmedialog.nl/ http://www.marketing-online.nl/nieuws/ModuleItem40438.html

Online lezen of toch maar naar de bieb??

Veel auteurs en uitgevers waren niet zo blij toen ze hoorden van de plannen van Google om complete teksten van miljoenen(!) boeken in bibliotheken in de hele wereld te scannen en online doorzoekbaar te maken. Ze waren (en zijn) bang dat mensen dan niet meer de moeite nemen om naar de bibliotheek of boekwinkel te lopen om een boek te kopen. Waarom zouden ze nog? Als iedereen alles kan lezen via de computer, wordt het boek immers ouderwets en overbodig. Dat is hun angst, maar is dat echt waar? 

Eerst maar even uitleggen wat het Google Library Project eigenlijk inhoudt. Hierboven heb ik al verteld dat Google absurd veel boeken inscant en op internet zet. Hierdoor kan iedereen zoeken naar boeken. Google zegt zelf: “We hopen meer gebruikers informatie over boeken te bieden, met name over boeken die ze anders niet zouden kunnen vinden, daarbij rekening houdend met de auteurs- en uitgeversrechten. Ons uiteindelijke doel is om samen met partners en bibliotheken een uitgebreide, doorzoekbare, virtuele kaartenbak te maken met alle boeken in alle talen, zodat gebruikers nieuwe boeken kunnen ontdekken en partners nieuwe lezers kunnen bereiken”.  

Dat klinkt best aardig, alle boeken(!) op internet. Studieboeken, leesboeken, woordenboeken en weet ik het wat meer, allemaal online. Nu nog niet, maar als het hun ligt, zo snel mogelijk wel. Alleen het auteursrecht hé, dat schrijvers hebben op hun boek, is nog een breekpunt. Want alle schrijvers zouden dus toestemming moeten geven om hun boek op het internet te laten zetten. En of ze dat allemaal gaan doen? Tja, als je gratis boeken kan bekijken en lezen, waarom dan nog een boek kopen?  

Voor mij zullen ‘ouderwetse’ boeken altijd voorkeur hebben boven de digitale versie. Ik hou van lezen. Ik lees ook echt veel, toch wel elke week een of twee boeken. Maar ik lees ook overal, in bed voordat ik ga slapen, op de bank tijdens het muziek luisteren, in de trein op weg naar school en weer terug, op vakantie bij het zwembad of het strand en zo kan ik nog wel even doorgaan. Ik vind het relaxt, ontspannen om een boek erbij te pakken. Even  opgaan in de andere wereld, het vergeten van je huiswerk of de afwas, het niet kunnen wegleggen omdat het zo pakkend geschreven is. Boeken roepen een speciaal gevoel in me op. Ezelsoren, vergeelde bladzijden, gekreukelde kaft; het hoort er allemaal bij!Het lezen van een beeldscherm is zo onpersoonlijk, zo afstandelijk en zo verschrikkelijk saai. Je kunt het niet eens uitprinten. Elk boek is beveiligd, waardoor je de pagina niet kunt uitprinten of downloaden. Ook je rechtermuisknop doet het niet meer. Als je het echt wil, kan je natuurlijk een printscreen maken. Maar ja, wat is dat nou? Zo krijg je wel hele zielige printjes. Er zit eigenlijk niks anders op dan lezen vanaf je beeldscherm. En dat is anders. Het gevoel van een boek is niet terug te roepen in een digitale versie.. Dat lukt niet.  

Maar ik ben niet de enige die het een beetje jammer vindt. Marco Kloet van de TU denkt dat Google te ambitieus is met het plan. Er wordt teveel op technieken vertrouwd die (nog) niet bestaan.  Sidney Mock van Google is het niet met Marco en mij eens. Ze vindt dat het in ieders voordeel is om boeken online te zetten omdat uitgevers door de verwijzingen een hoger verkoopresultaat kunnen bereiken en schrijvers meer publiek. Maar ook voor ons zou het beter zijn omdat het gratis is en het allemaal makkelijker te vinden is. 

Nou, ik weet het niet hoor. Ik heb liever boeken dan digitaal. Maar heb je zin om het in het echt te zien? Via www.books.google.com of www.books.google.nl kan je naar de boekensite gaan. Je hoeft niets te betalen. De kosten neemt Google voor haar rekening. Vind je dat niet aardig? 

Bronnen:

Lexis Nexis

Communicatiekaart van Nederland

MultimediaPropedeusejaar

http://www.delta.tudelft.nl/archief/j36/n08/18651

http://books.google.com/googleprint/library.html 

http://www.robcoers.nl/artikelen/googlebooks1.html

Recente ontwikkeling III

Het is 4.15, zaterdagnacht en de kroeg gaat alweer dicht. De avond vloog voorbij! Het was zo gezellig, stond ik eerst een beetje bij de bar te hangen met vriendinnen, kwam ineens een vet leuke jongen naar me toe. Een beetje praten en voordat je het weet moet je weer naar huis. Hij vraagt: ‘Hey, ga je nog even met me mee?’ maar dat gaat weer te ver, een one-night-stand is niks voor mij. ‘Mag ik dan je MSN?‘                 

Nee, telefoonnummers worden niet snel meer gevraagd, het is steeds meer vragen naar je mailadres. Het is ook zoveel makkelijker om met iemand te MSN-en dan diegene op te bellen. De spanning of je stem niet gaat haperen, hij nog wel weet wie je bent en dat er oncomfortabele stiltes zijn is niet prettig. MSN heeft hier geen last van.. Als je dan even niks te zeggen hebt, maakt het niet uit. Alles beter dan zo’n stilte aan de telefoon. MSN is een vorm van Instant Messaging. Hierbij komen je berichten veel sneller over dan bij e-mail. De toekomst van e-mail is dan ook onzeker. En dat komt niet alleen omdat het sneller kan. 

Vint Cerf, senior Vice President van MCI  zegt: “Spammen is een plaag voor e-mail en nieuwsgroepen op Internet. De werking van publieke diensten wordt er serieus door bedreigd, om nog maar niets te zeggen over het effect op persoonlijke e-mail… Spammers ontnemen in feite eindgebruikers en isp’s capaciteit en bandbreedte zonder compensatie of toestemming.” Hij is het echt niet blij met spam. Maar ja, ik ook niet. Daarom heb ik ook een apart e-mailadresje aangemaakt waar ik al die onzinmail naartoe laat gaan. Echt vet handig. Ik open dat adres nooit, misschien zit ie ondertussen wel helemaal vol met reclame voor bodylotion en haarlak, je weet het niet. Het is in ieder geval wel jammer dat je bij zoveel websites je email moet invullen. Alsof ik er behoefte aan heb om op de hoogte te worden gehouden over het nieuwste spelletje van Zylom of gebombardeerd te worden met nieuwsbrieven.

Joost Steins Bisschop zegt juist dat al die spam helemaal niet nieuw is. Er worden al jaren dingen doorgemaild die nergens op slaan en irriterend zijn voor de ontvanger. Hij gaat zelfs zo ver om te zeggen dat e-mail in de toekomst niet meer zal bestaan. Het ‘ezeltje’ dat alle boodschappen van zender naar ontvanger stuurt, heeft er geen zin meer in en legt ’t bijltje erbij neer… 

Maar niet alleen spam is irritant, virussen zijn al helemaal gekmakend. Het infecteert je bestanden en harde schijf, alles raakt beschadigt of je raakt het zelfs kwijt! Er zijn verschillende soorten en maten, ik zal er een paar noemen:

  • Bootvirus

Het valt de bootsector op je harde schijf aan en wordt opgeladen als jij je computer start. Het is dus altijd actief. Geen leuk virus, al helemaal als je je bedenkt dat het virus is opgestart voor je virusscanner..

  • Filevirus

Dit virus kopieert zijn eigen code in een bestaand programma zodat het zijn gang kan gaan voordat het programma is opgestart, bij voorkeur .exe, .com en .bat bestanden. Soms kan het hersteld worden door een virusscanner

  • HOAX

Een HOAX is een onzinnig bericht over dat er iets vreselijks gaat gebeuren met je computer alleen al als je dat leest. Het is in principe geen virus, maar het is wel belangrijk dat je dit soort onzin niet gaat doorsturen naar anderen.

  • Macrovirus

Dit soort virus is gebaseerd op de ingebouwde programmeertaal in programma’s als Word en Acces

  • Trojaans paard

Een normaal virus kopieert zichzelf altijd. Dit virus niet, alleen als het past binnen zijn opdracht. Op deze manier neemt het stap voor stap je computer of netwerk over, totdat het komt bij de plek waar hij zijn opdracht kan uitvoeren. Een Trojaans paard kan dus lang onopgemerkt blijven.

  • Worm

Dit is een netwerkvirus. Het vermenigvuldigt zich in netwerken met als doel zoveel mogelijk systemen en bereikbare netwerken lam te leggen.

  • E-mail worm

Dit virus stuurt zich door naar alle adressen die je in je adressenbestand hebt staan. Al je vrienden en kennissen krijgen dus ineens een ongewenst mailtje van je. Daar zijn zij, en jij, niet zo blij mee. 

Tja, spam en virussen zijn grote bedreigingen voor de toekomt van mail. Hoewel 80% van de organisaties e-mail een belangrijker communicatie vindt dan de telefoon zijn we druk op zoek naar alternatieven. Instant Messaging is een voorbeeld maar mail moet veiliger worden om door te kunnen bestaan. Stem en beeld zullen verwerkt worden om de betrouwbaarheid te verbeteren. Interactieve mails zullen opkomen. Als een e-mail beter beschermd zal worden, zal de toekomst er rooskleurig uitzien voor het mailen. Maar dat denk ik, al is het maar omdat ik via het mailadres toch gezellig kan MSN-en met die leuke jongen uit de kroeg.

Bronnen:

http://www.euro.cauce.org/nl/index.html

http://bluefive.pair.com/articles_antivirus.htm

http://www.frankwatching.com/archive/2006/11/17/Gastcolumn_In

http://www.microsoft.com/netherlands/itmanager/trendsenontwikkelingen/exchange.aspx 

Internet: voor en door iedereen…

Ideeën voor platforms waar iedereen met eigen materiaal hun one minute of fame kunnen beleven schieten als paddestoelen uit de grond. User Generated Content is hét woord van 2006.  

Internet wordt steeds meer van ons allemaal. Iedereen kan ondertussen zelf dingen op internet zetten, we doen het ook massaal. User Generated Content (UGC) is tegenwoordig in. Het komt op. Steeds meer mensen zetten zelf dingen op internet. Om nog even uit te leggen waar de term nou voor staat; UGC zijn weblogs, eigen websites en homepages en het opladen van digitale content als teksten, foto’s en video’s die de surfer zelf heeft gemaakt.  

Dat klinkt allemaal wel een beetje vaag. Om het wat minder abstract te maken, zal ik wat sites noemen met veel UGC..Wikipedia bijvoorbeeld. Bij deze online encyclopedie kunnen mensen zelf informatie geven over een bepaald onderwerp en kanttekeningen plaatsen bij informatie die anderen gegeven hebben. Het is hierdoor een encyclopedie door amateurs gemaakt. Iedereen kan zijn eigen bijdrage leveren. Flickr is ook een mooi voorbeeld. Iedereen kan hier zijn eigen foto’s opzetten en aan de wereld laten zien. Maar ook YouTube is UGC ten top. Iedereen kan zijn eigen filmpje op deze site zetten waarna ook iedereen het kan bekijken. De videosite YouTube groeit op dit moment met 50.000 filmpjes per dag! Je kunt dus wel nagaan dat er ondertussen veel mensen zijn die ook bekend proberen te worden. Heb jij er al een filmpje tussenstaan? 

LexisNexis deed in de Verenigde Staten onderzoek naar het gebruik van traditionele media versus online en User Generated Content onder 1500 mensen van 25 tot 64 jaar. Hieruit bleek dat maar 6% van de mensen vertrouwd op sites met UGC. Als je dit naar Nederland doortrekt, zou maar 1 op de 17 internetters een blog vertrouwen als het gaat om belangrijk nieuws. Er wordt wel verwacht dat in de toekomst 35% van de internetters vertrouwen zal hebben in zowel traditionele als ‘nieuwe’ nieuwsbronnen. UGC zal dus nog populairder worden!  

Er is nog meer onderzoek gedaan naar UGC. Ook Universal Media heeft een rapport uitgebracht. Uit het onderzoek is gebleken dat 72% van de mensen die zelf dingen op internet zetten onder de 25 jaar zijn! Het zijn dus vooral de jongeren die het leuk vinden om ook wat van zich te laten horen. Maar waarom komt het nou ineens zo op? Er zijn natuurlijk wel wat oorzaken voor te noemen. De snelle groei van UGC komt door de toename van opnameapparatuur. Dit jaar heeft 50% van de verkochte mobieltjes een camera. Ik kan me ook bijna niet voorstellen dat jij een mobieltje zonder camera hebt.. Er zijn dus veel mensen die ineens overal kunnen filmen en fotograferen. Maar ook de opkomt van breedband speelt een rol. Hierdoor zijn grote videobestanden gemakkelijk te uploaden. Maar ook zoekmachines als google zorgen ervoor dat alles heel makkelijk te vinden is. En die gebruiken we natuurlijk allemaal.  

Voor adverteerders is dit allemaal heel interessant. Uit het onderzoek van Universal Media is gebleken dat de mensen vertrouwen hebben in de advertenties die staan bij UGC. Zo hebben Amerikaanse blogs als Boing Boing en Engadget de mogelijkheid om merken te breken en te maken. User Generated Content zorgt voor een enorme verschuiving van adverteren. Eerst was het voornamelijk van het bedrijf naar de consument. Maar nu gaat het ook van consument naar bedrijf. Als adverteerders hier niet op inspelen, zal het niet goed voor ze aflopen. Het is een uitdaging voor marketeers om opgenomen te worden in User Generated Content. Het is niet voldoende om gewoon af te wachten totdat iemand hun merk oppikt en verwerkt in hun site. Ze kunnen beter op zoek gaan naar invloedrijke generators met de bezoekers die interessant zijn voor hun merk. Bart van der Aa is medeoprichter van Icemedia en doet daar de marketing & innovatie. Hij zegt dat UGC een van de belangrijkste ontwikkelingen van deze tijd is. Voor bedrijven kan het heel goed zijn om gebruik te maken van UGC, maar dan moeten ze het wel goed doen.  

Ook MTV gaat gebruik maken van UGC. Zij gaan video’s van kijkers gebruiken in uitzendingen. Maar het idee is zeker niet nieuw. Remco Tomesen van VNU Business Publications laat weten dat UGC al veel wordt gebruikt. Bij Man Bijt Hond worden ook al regelmatig amateurfilmpjes vertoond. We kunnen er dus nu zelfs voor gaan zorgen dat onze filmpjes op televisie komen. En dan niet in zo’n stomme show als ‘De leukste thuisvideo’s’, maar bij MTV! Ook onze ‘one minute of fame’ komt wel erg dichtbij… 

Bronnen: 

http://www.digimedia.be/detail05.asp?Id=3143 http://www.molblog.nl/crossmedia/4017/fromfeed

http://ict-en-onderwijs.blogspot.com/2006/10/user-generated-content.html

http://www.agrapportenservice.nl/(btiroj55il42xz55gajumv55)/Default.lynkx?HomePointer=1-10&type=RapportView&RapportPointer=1-9-73031-73033-82084

http://www.mediaplaza.nl/mp.php/mediaplaza/agenda/agenda.php?id=ugc

http://www.emerce.nl/nieuws.jsp?id=1720879

Recente ontwikkeling I

Het Parool liet weten dat er sinds vorige maand zijn er meer dan 100 miljoen sites op internet te vinden. Maar eigenlijk zijn het er nog veel. In de telling zijn alleen pagina’s met een domeinnaam en inhoud meegenomen. Hierdoor zijn veel weblogs en amateuristische sites niet meegeteld. Hoe dan ook, er zijn veel sites te bezoeken en daardoor ook veel informatie te vinden. Dat klinkt goed, maar er zijn ook veel vraagtekens bij te zetten. Want hoeveel van die informatie is nou eigenlijk betrouwbaar? Er zijn zoveel sites die alleen onzin bevatten en de bezoeker verkeerde informatie geven.

Tim Berners-Lee is een van de bedenkers van internet. Hij heeft grote zorgen over de explosieve groei van sites. Berners-Lee heeft internet bedacht om wetenschappers en onderzoekers betrouwbare informatie uit te laten wisselen, onderzoek laten doen naar de sociale en technische mogelijkheden en mensen de mogelijkheden van internet te leren zodat er verbeteringen konden worden toegebracht. Maar dat is allang niet meer zo. De onbetrouwbare informatie is niet aan te slepen, onzinsites zijn aan de orde van de dag en websitebouwers weten vaak niet waar ze nou helemaal mee bezig zijn. Hoe moet dat nou verder?
Berners-Lee gaat samenwerken met het Amerikaanse Massachusetts Instituut van Technologie (MIT) en de universiteit van Southhampton aan het project Webonderzoek en wetenschap. In dit onderzoek zullen de wetenschappelijke, technische en sociale uitdagingen die de groei van internet met zich meebrengt uitgelegd worden. Hoe wij bij deze informatie komen en de betrouwbaarheid daarvan. BCC News zegt dat dit onderzoek een directe invloed zal hebben op de ontwikkelingen van internet.

Wat kunnen wij hier nou uit trekken? Internet is groot geworden, heel erg groot, maar daarmee is het ook steeds onbetrouwbaarder. Een van de bedenkers ziet zijn uitvinding de verkeerde kant op gaan, en grijpt in. Voor ons is het vooral belangrijk dat we zelf kunnen onderscheiden wat belangrijke en betrouwbare informatie op het net is, en wat we totaal niet serieus hoeven te nemen. Gezond verstand gebruiken dus. Want als we dat niet meer doen, gaat internet steeds meer de verkeerde kant op. En dat zou toch eeuwig zonde zijn.

Bronnen:

http://www.parool.nl/media/2006/NOV/110206-miljoensites.html

http://news.bbc.co.uk/2/hi/technology/6108578.stm

Formule persoonlijke weblog Eveline

Het doel:

Het doel van mijn weblog is om jongeren jongeren te informeren en bereiken. Op deze manier wil ik hun een mogelijkheid bieden om ideeën uit te wisselen, in discussie te gaan met elkaar of gespreksonderwerpen aandienen. De invalshoeken die ik hierbij zal gaan gebruiken zijn informeren en amuseren.

De doelgroep:

Mijn weblog zal zich richten op jongeren van 18 tot 25 jaar. Ik heb gekozen voor deze doelgroep omdat ik zelf in deze doelgroep val en zal gaan schrijven over dingen die jongeren bezig houden.

De onderwerpen:

In mijn weblog zal ik het hebben over:

  • Gebeurtenissen in mijn dagelijks leven; een soort dag/weekboek waarin in kort vertel wat ik heb meegemaakt en hoe ik dit ervaren heb;
  • Actualiteiten uit het nieuws bespreken;
  • De bijbehorende achtergrond.

De functie:

Met mijn weblog wil ik jongeren op de hoogte houden van het nieuws. Niet de breed uitgemeten berichten bespreken waar niemand omheen kan, maar berichten die interessant zijn voor jongeren.

Door mijn eigen belevenissen te beschrijven, wil ik de mensen een kijkje in mijn leven geven. Hoewel het algemeen bekend is dat alle jongeren globaal met dezelfde dingen te maken hebben, is het toch leuk om te weten hoe iemand anders dit ervaart en hier mee om gaat.

Redactionele formule:

De teksten in mijn weblog zullen actief en vrolijk geschreven worden. Met een humoristische tintje zal ik mijn eigen leven beschrijven en het nieuws wordt op een duidelijke en prettige manier behandeld.

Vormgeving:

In mijn weblog wil ik warme kleuren gaan gebruiken als achtergrond. De afbeeldingen die worden opgenomen zullen tekstondersteunend zijn. De tekst/beeldverhouding zal ongeveer 75/25 zijn.

Eveline Warmerdam

« Vorige ingaves