Archief voorMarieke

Tenslotte

Ik zie mijn toekomst als redacteur bij een boekenuitgeverij. Deze module zal weinig van pas gaan komen bij mijn werkzaamheden. Een redacteur bij een uitgeverij zal geen weblog bijhouden waarin ik mijn dagelijkse bezigheden en ontdekkingen in vertel.Ik zal wel bezig zijn met het bijhouden van een internet site.

Opdracht 3: Multimediaal uitgeven

Website zonder papieren versie
De site van de kamer van koophandel staat vol met informatie voor mensen met een eigen bedrijf of die een bedrijf willen starten. Je kunt op deze site alle informatie over de wetten en regels, import en export, de branches, faillissementen, starters, overdacht of overname, en hoe je een ondernemersplan schrijft. Verder kun je brochures downloaden en adressen vinden van alle kvk vestigingen. Bovendien staan er data’s op van interessante seminars en kun je jezelf aanmelden voor de nieuwsbrief.

Website met papieren versie
Het tijdschrift “De zaak” is een tijdschrift voor het Midden en klein bedrijf (MKB). Deze staat vol verhalen, tips, nieuws en trucs die het leven van een ondernemer net iets makkelijker maken. Het tijdschrift verschijnt acht keer per jaar en geeft direct toepasbare informatie voor de dagelijkse bedrijfsvoering.
De website geeft een meerwaarde aan de papieren versie omdat deze dagelijks wordt bijgehouden, er staat elke dag ander nieuws. Het tijdschrift komt dus maar acht keer per jaar uit, waardoor ze daar alleen de belangrijkste info in kunnen zetten en op het internet kunnen ze actuele informatie kwijt. Ook staan er vacatures en branche informatie op. Op de site kan je ook bedrijven zoeken.

Woorden: 200

Bronnen:
·        www.kvk.nl
·    www.dezaak.nl

Opdracht 2: Openbaarheid

Met je anonimiteit op internet moet je veilig omspringen ben ik van mening. Mijn ouders hebben mij altijd gewaarschuwd als ik weer eens mijn gegevens aan het doorsturen was. Wat ik laatst meemaakte is een goede les voor mij geweest. Ik kreeg via mijn e-mail een enquête van RTL, waarmee ik een prijs kon winnen. Hierin moest je aanvinken welke goede doelen je aanspraken. Op deze vraag heb ik gewoon wat ingevuld zonder er daadwerkelijk goed bij na te denken. Niet wetend dat drie maanden later de telefoon roodgloeiend stond van goede doelen die ik had aangevinkt die mij belde met het verhaal dat ik bij RTL een onderzoek heb meegedaan waarin ik heb aangegeven dat ik bijv. Amnesty International een goed doel vond. Ze bellen mij nu voortdurend op om te vragen of ik interesse heb om donateur te worden. Heel vervelend allemaal.

Veel mensen kennen de gevaren van internet niet eens. Vooral jonge kinderen moeten hier in gestuurd worden. Ze moeten niet plotseling iets verkeerd kunnen doen op internet, zoals het kindje van een paar jaar oud, die op het internet een roze auto had gekocht. Of dat kinderen via chatrooms met pedofielen in aanraking kunnen komen.De Britse ontwikkelaar van het world wide web Tim Berners-Lee, spreekt ook over zijn bezorgdheid. Hij is bang dat er teveel informatie op internet komt te staan, die niet klopt of die kan leiden tot misopvattingen in bepaalde zaken. Deze kunnen weer tot ideeën leiden die niet goed zijn voor de mensheid. Met andere woorden iedereen kan ongecontroleerd informatie verspreiden over het internet. Hij ziet veel gevaren in internet.

In het artikel van Erik van Heeswijk komen andere feiten over anonimiteit naar boven.
“We gaan de voors en tegens van anonimiteit op het internet netjes op een rijtje zetten:
Allereerst, wat wil de tegenstander van anonimiteit? De hardliner zal hoogstwaarschijnlijk beargumenteren dat privacy een groot goed is, maar dat dat niet mag betekenen dat schuldigen niet gestraft kunnen worden.
Bestaan er schuldigen? Uiteraard, iedereen weet dat ook pesters, stalkers, pedofielen, terroristen, misdadigers en fraudeurs van het net gebruik maken en dat het net zich niet kan onttrekken aan de rechtvaardigheid van ons juridische systeem. De correctheid van dit argument hangt af van de tegenargumenten.
De klassieke verdediging bestaat uit een aantal elementen. Allereerst valt het op dat de degene die de anonimiteit betwist bijna altijd belachelijk gemaakt wordt (‘geniale plan’); hij of zij zou geen verstand van zaken hebben en maar wat roepen.
Dat vervolgens het plan helemaal niet nodig is, is meestal de volgende reactie. Op basis van ip (internetpaspoort) zouden we iedereen kunnen opsporen en hebben we een prima middel in handen om die lastige lui een lesje te leren. Dat men daarna constateert dat ‘Half Nederland vol staat met onbeveiligde draadloze netwerken’ ondergraaft merkwaardig genoeg dat punt meteen.”

In het kort: onze anonimiteit zijn we toch al kwijt zijn. Waarom de anonimiteit op internet beperken, als je toch niet anoniem bent.

Woorden: 493

Bron:
http://www.webwereld.nl/articles/40405/online-anonimiteit-onder-vuur.html

Opdracht 1: User generated content

Websites die gemaakt zijn voor en door consumenten is de nieuwe trend van dit moment. Dit wordt met een duur woord user generated content genoemd, een voorbeeld hiervan is Hyves. Zelf ben ik er ook lid van. Op deze site kun je naar vrienden berichtjes sturen, foto’s op je weblog zetten en jouw dagelijkse verhaal vertellen. Door deze manier van communiceren wordt bijvoorbeeld nieuws in no-time rond verteld. Soms weten we op Hyves al meer dan enig nieuwsredactie. Ook Wikipedia is een voorbeeld van een UGC. Op ieder gewenst moment van de dag, kun je de site aanvullen met informatie die jij weet en wilt delen met anderen.Om de sites in goede banen te laten lopen zijn er nog wel redacteuren nodig. Al is het alleen om te controleren wat er allemaal wordt opgezet of te helpen met problemen.

Er is genoeg kritiek van de professionele journalistiek op de “burger” journalistiek. Ze vinden dat er gebrek is aan professionaliteit en ze vinden dat ‘burger’ journalistiek alleen maar feiten weergeeft, zonder context en zonder redactionele bewerking.
Deze kritiek kan je van tafel vegen door te zeggen dat als er naarmate heel veel feitelijke berichten over één specifiek onderwerp op één verzamelplaats staan, dat er bijna vanzelf een context ontstaat. Verder nodigt het de lezer zelfs uit om berichten onderling kritisch te vergelijken en met elkaar in discussie te gaan.

Ook bij de krant is UGC in opkomst, Rieks Holtkamp verteld wat de plannen zijn voor de kranten van Koninklijke Wegener en wat zijn opinie daarover is. Één van de plannen was dat de lezers straks zelf een bijdrage kunnen leveren aan de krant, wat volgens Holtkamp kan leiden tot een krant die in zijn geheel is volgeschreven door lezers. Verder zegt Holtkamp: “De bedenkers van dat plan gaan ervan uit dat een gemiddelde lezer het liefste zijn eigen schrijfsels in de krant ziet staan en daar ook genoeg aan heeft. Wat de lezer heeft te melden, is dan niet eens belangrijk in de ogen van de aanhangers van de user generated content. Het is wel een erg cynisch beeld van de lezer dat hierin besloten ligt. Zo van: gekken en dwazen schrijven op deuren en glazen en dus zullen ze ook wel in de krant willen schrijven. Dat is een heel ander beeld dan dat van de met dorp en wereld betrokken lezer, die door ter zake kundigen geïnformeerd en onderhouden wil worden.”

De uitspraak van Paul Molenaar (CEO van Ilse Media en COO Online en Media Innovatie bij uitgever Sanoma, moederbedrijf van Ilse) luidt:“Uiteindelijk zullen maar 20 procent van de huidige 13 à 14 duizend journalisten in Nederland overblijven.”
Weinig andere media experts stemmen met deze uitspraak in. Jeroen Mirck (redacteur van reclamevakblad Adformatie gespecialiseerd in marketing, retail en nieuwe media.) zegt: “Molenaar vergeet dat al die (ugc-)nieuwsblogs ook beheerd moeten worden. Dat gaat gebeuren door mensen met een journalistieke achtergrond. Natuurlijk gaan er banen verdwijnen door internet en user-generated content, maar minder dan Molenaar vermoedt.”

Woorden: 498

Bronnen:

· http://www.denieuwereporter.nl/?p=707 

·        http://www.denieuwereporter.nl/?page_id=authorprofile&id=152 

·        http://www.upstream.nl/comments.php?id=104_0_1_0_C  

·        http://www.upstream.nl/comments.php?id=18_0_1_0_C 

·        http://rps.hva.nl:2572/ln/HvA/default2.htm
Column De Krant: Uitstekende toekomst voor kwaliteitskranten
Door: Rieks Holtkamp
February 1, 2006

Recente ontwikkeling 5

Is het nu cross of multi??
 We kijken dagelijks programma’s waar we naar toe moeten bellen of smssen om op iemand te stemmen. Of we luisteren radio via het internet als we huiswerk aan het maken zijn. Dat zijn al twee voorbeelden van crossmedia en multimedia gebruik. En zo zijn er nog veel meer te benoemen. Het gebruik van crossmedia en multimedia doen we allemaal onbewust.
Het verschil tussen crossmediaal en multimediaal is niet altijd even duidelijk. Toch, als je het onderstaande stukje leest, krijg je een idee van beide termen.
• Bij een crossmediaal aanbod werken verschillende media samen, bijvoorbeeldtelevisie en internet, vaak onder dezelfde identiteit. Ze versterken elkaar en zorgenzo voor een rijkere beleving.
• Een multimediaal aanbod geeft de gebruiker meer keuze. Hij kan hetzelfde aanbodraadplegen via verschillende kanalen. Hij kan televisie kijken niet alleen via zijntelevisietoestel, maar ook via zijn computer of een gsm van de nieuwste generatie. 

Voorbeelden van crossmediaal zijn:
Idols (stemmen op je favoriet via je gsm)
Big Brother (stemmen op de je favoriet via je gsm) 

Voorbeelden van multimediaal gebruik zijn:
Internetradio (in plaats van via de radio, luister je radio via het internet. Duidelijk??) 
Een voorbeeld waar meningen eventueel over uiteen kunnen lopen is:
Uitzendinggemist.nl (doordat je een uitzending hebt gemist, kan je via het internet de uitzending terug kijken)
Ik zelf denk dat het crossmediaal is!
Als jij een andere mening hebt, laat dan iets achter op mijn weblog!

Ik denk dat de termen in de toekomst wel naast elkaar blijven bestaan, omdat ze allebei toch net iets anders betekenen. Het zal wel door elkaar gehaald worden.
 

Zuiver crossmediaal
Zijn de live uitzendingen van Big Brother en Idols 

Zuiver multimediaal
Radio zenders die je kunt beluisteren op het internet.

Bronnen:
·         http://nl.wikipedia.org/wiki/Crossmedia
·         http://crossmedia.startpagina.nl/
·         http://www.vrt.be/extra/zakboekje.pdf

Recente ontwikkeling 4

Google library is ontwikkeling van google waarbij uitgevers die het programma ondersteunen Google een lijst van boeken sturen die zij in het Print-programma opgenomen willen zien. Vervolgens scant of de uitgever of Google het gehele boek. Het Library-programma behelst de deelname van bibliotheken om het gehele of een deel van hun bestand te digitaliseren. Als gebruikers vervolgens Google Print doorzoeken wordt de pagina waarrop de zoekterm voorkomt getoond. Gebruikers kunnen het document niet opslaan of printen vanaf de site. Boeken die niet langer door het auteursrecht worden beschermd, zijn in het geheel te raadplegen.

Mijn eigen mening over google library is als volgt:
Boeken uitgeven via internet vind ik een slim idee, maar om alle boeken op internet te zetten vind ik niet zo’n slim idee. Als je kijkt naar schoolboeken vind ik het wel een goed plan omdat je vaak veel geld kwijt bij de aanschaf. Soms is het zelfs zo dat je een boek moet aanschaffen van school en je er maar 3 hoofdstukken uit moet leren en dat was het dan met het boek, zonde toch? Door google library zullen de boeken zo te raadplegen zijn op het internet, waardoor dat scheelt in de portemonnee. In tegenstelling tot de leesboeken (fictie en non-fictie), kookboeken, reisboeken enz. heb ik een andere mening. Deze boeken horen niet op internet, wie gaat er nu een boek van ‘kluun’ lezen op een computer scherm. 

Als we kijken naar wat de gevolgen waren voor google, zijn dat allemaal rechtszaken. Uitgevers die het niet eens zijn met wat google voor plannen heeft: het digitaliseren van boeken.

Hieronder volgt één van deze rechtszaken

 De Amerikaanse vereniging van uitgevers heeft Google aangeklaagd vanwege de boeken die het bedrijf wil inscannen.Het Google Library-project is omstreden. De Amerikaanse Association of American Publishers (AAP) sleept Google voor de rechter en eist schadevergoeding wegens auteursrechtenschending. Google scant boeken in om deze doorzoekbaar te maken. Volgens Pat Schroeder van de AAP had de organisatie geen andere keuze dan een rechtszaak te starten. “Ik zou willen dat dit allemaal het niet nodig was.” In september werd Google al aangeklaagd door het Schrijversgilde samen met drie individuele auteurs. Na deze aanklacht is Google tijdelijk gestopt met het inscannen van boeken. Dit wil het bedrijf vanaf 1 november weer oppakken. 

Hier volgt een kranten artikel uit het NRC handelsblad van 30 november 2006.

Ruzie Google en Yahoo over scans van boeken
Het Amerikaanse internetbedrijf Yahoo weigert te voldoen aan een verzoek van concurrent Google om inzage te geven in de wijze waarop het bezig is boeken te digitaliseren. Google had Yahoo gedagvaard als getuige in de zaak die een groep Amerikaanse uitgevers tegen de internetreus had aangespannen. De uitgevers vinden dat Google met zijn project Google Library, waarbij miljoenen boeken worden ingescand en openbaar gemaakt, inbreuk pleegt op hun auteursrechten. Ook Amazon en Microsoft, die met soortgelijke projecten bezig zijn, weigeren aan het verzoek van Google te voldoen. Google hoopte met de verklaringen van zijn concurrenten zichzelf te kunnen ontlasten. Advocaten van Google willen Yahoo nu dwingen voor de rechter te verschijnen.
 

Naast dat uitgevers alleen google aanklagen omdat ze het er niet mee eens zijn dat boeken zo op internet komen te staan, zijn er ook al enkele andere aanbieders die hetzelfde principe hanteren als google zoals:

Op de site www.gutenberg.org zijn 18.000 gratis boeken te vinden. Deze site www.gutenberg.org was de eerste verzameling online boeken.

Via www.dbnl.org biedt de digitale bibliotheek voor de Nederlandse Letteren al een grote verzameling Nederlandse literaire teksten, biografieën en portretten aan.

 Sinds 2004 is www.europeanlibrary.org in de lucht. Destijds werkten negen Europese nationale bibliotheken mee. Eind 2006 zijn dat er vermoedelijk 22. De samenwerkende bibliotheken hebben ondertussen bijna twee miljoen items gedigitaliseerd. De dienst wordt momenteel nog vooral door wetenschappers gebruikt, maar wordt ook voor de ‘gewone burger’ steeds toegankelijker.  

Je kunt het ook van de positieve kant bekijken, het is namelijk zo dat ouders gemiddeld per kind 300 euro aan boekengeld kwijt zijn. Doordat google met google library komt kunnen we misschien over een tijdje wel de boeken van internet afhalen. Kinderen groeien tegenwoordig op met de computer, waarom zou het raar zijn als de toekomstige studenten hun informatie moeten halen uit een boek op internet. Dat boek hoeven ze dan niet meer aan te schaffen en dat scheelt een hoop in de rugzak om mee te schouwen.

Op dit moment zijn ze bezig om te zorgen dat de boeken alvast niet meer door de ouders betaald hoeft te worden, dat moeten de scholen gaan doen.

In de trouw van 6 december 2006 staat het volgende bericht. 

Als de kabinetsformatie opschiet, worden al volgend schooljaar schoolboeken op de middelbare school gratis. Dat scheelt ouders jaarlijks gemiddeld 308 euro per kind.Dit schrijft minister Van der Hoeven in een plan van aanpak om de schoolkosten te laten dalen. De bedoeling is dat scholen zelf de boeken voor hun leerlingen kopen. Nu nog bepalen de scholen welke boeken de ouders moeten kopen. Daarbij letten zij vooral op kwaliteit en minder op kosten. Scholen moeten straks onder meer leer- en werkboeken gaan betalen, tabellenboeken, cd-roms en licenties op leermaterialen op internet. Voor rekening van de ouders komen onder meer atlassen, woordenboeken, rekenmachines en sportkleding.Het verlagen van de schoolkosten moet een eind maken aan het verschijnsel dat kinderen zonder boeken op school komen, doordat hun ouders geen schoolboeken aanschaffen. Verder kunnen scholen scherpere prijzen bij de educatieve uitgevers bedingen als ze gezamenlijk inkopen. Jaarlijks kost deze maatregel de overheid 210 miljoen euro.

De Tweede Kamer drong er in oktober op aan al volgend schooljaar schoolboeken gratis te maken. De minister noemt het tijdschema ‘wel erg krap’. Niet alleen vanwege een benodigde wetswijziging, maar ook om scholen en financieringsorganisaties hier klaar voor te maken. Al begin april zou de nieuwe ministerraad akkoord moeten zijn, anders volgt invoering een jaar later.  

Bronnen:
·        Lexis Nexis
·        http://www.webwereld.nl/articles/37918/google-opnieuw-aangeklaagd-vanwege-  library.html
·        http://www.vbds.nl/index.php?option=com_content&task=view&id=265&Itemid=52
·       
http://www.nrc.nl/buitenland/article381376.ece?service=Print

Recente ontwikkeling 4

E-mailtje

 Wat doen we allemaal via de e-mail tegenwoordig? Of kan ik beter zeggen wat doen we niet meer via de e-mail? Dit jaar was zelfs de trekking van onze surprise lootjes via de mail. Hierin stond voor wie jij een surprise moest maken en via deze mail kon je een verlanglijstje van jezelf in vullen en dan versturen naar degene die jouw had met surprise. Toen we uiteindelijk op de avond onze surprise gingen uitpakken, stond de surprise van oma ook weer in het teken van e-mailen. Zij kreeg namelijk een boek cadeau genaamd: Internet en e-mail voor senioren. Tja niet alleen de jongeren zijn bezig met e-mailen. De vraag is alleen heeft e-mail wel een toekomst?

In het afgelopen decennium heeft e-mail zich, voor zowel de thuisgebruiker als voor bedrijven, ontwikkeld tot een veelgebruikt communicatiemiddel. Het voordeel van e-mail is dat het snel en in grote hoeveelheden verstuurd kan worden en dat het relatief weinig kost. Maar aangezien de hoeveelheid e-mail die per dag wordt verstuurd alsmaar toeneemt, ontstaan er naast de genoemde voordelen ook problemen.

Voor sommige bedrijven vormt e-mail namelijk een manier om grote groepen mensen iets aan de man te brengen, soms ook dingen die niet helemaal “owkej” zijn. Dit soort mail wordt ook wel junk mail of spam genoemd en is te vergelijken met ongewenst ongeadresseerd drukwerk. Gevolg is, dat veel mensen elke dag tussen belangrijke mail ook dingen tegenkomen waar ze niet om gevraagd hebben.
Bij de gewone thuisgebruiker levert Spam daarom veel ergernis op. Acht op de tien ondervraagden bij het onderzoek van NOD32 Nederland geeft aan dit als grootste ergernis te ervaren bij het gebruik van e-mail. 

Naast het e-mailen thuis wordt erop het werk ook druk gemaild. Maar is dit wel goed voor de werkzaamheden binnen de organisaties? Over het gebruik van e-mail binnen een organisatie adviseert Rob Venstra. In zijn artikel gaat hij in op het contraproductief emailgebruik en wat je er aan kunt doen.
Hij vertelt dat e-mail de volgende problemen oproept:
·        Gemakzucht (snel van je afschrijven
·        Schijnproductiviteit (iedereen een cc-tje)
·        Schijncommunicatie (verzonden, dus gelezen!)
Door deze problemen gaat de productiviteit onder werknemers omlaag. Hier moet iets aan gedaan worden.
Er zijn volgens Venstra enkele alternatieven op e-mail:
·        GSM
·        SMS
·        Instant Messaging
·        elektronische bulletin boards
·         face-to-face contact 

Als ik mijn eigen mening moet geven betreft e-mail, zal ik zeggen dat er nog wel een toekomst in zit. E-mail is vooral voor de thuisgebruiker ideaal om contact te houden met andere. Spam zal in de toekomst onder controle zijn, ik denk dat er genoeg briljante mensen zijn die een oplossing voor spam uitvinden (zie www.spamvrij.nl). Als je kijkt naar bedrijven ligt dat bij elk bedrijf anders. De grote organisaties zullen misschien kiezen voor een alternatief van Venstra omdat je in een grote organisatie maar slecht kunt zien wat mensen nu dagelijks doen. Bij kleine bedrijven zal e-mail altijd makkelijk zijn om elkaar snel op de hoogte te houden van allerlei gebeurtenissen. 

Bronnen:
·        http://www.ehio.nl/164/contraproductie-door-email.htm
·        http://www.let.rug.nl/alfa/scripties/ReneOuendag.html
·        http://www.channelweb.nl/berichten.jsp?rubriek=1193969&id=1758505

Recente ontwikkeling 2

Een nieuwe trend?

Een paar dagen geleden wist ik niet eens wat User Generated Content betekende, maar dat is vanaf vandaag geheel anders en voor jullie ook. Wie is er geen lid van hyves tegenwoordig en wie kent het beroemde wikipedia nog niet? Dit zijn allebei voorbeelden van User Generated Content, sites voor en door mensen gemaakt of ingevuld. Ook de websites iens is zo’n voorbeeld. Achter deze sites zitten nog wel redacteuren die controleren wat er allemaal op de websites wordt geplaatst.

Over de ontwikkeling van User Generated content wordt veel gesproken, want is dit de nieuwste trend aan het worden? En moeten er sites komen waar geen redacteuren meer voor nodig zijn? Met andere woorden, waar vrijuit gesproken kan worden over van alles en nog wat? In de NRC stond een artikel met als kop ‘Dorpsnieuws wordt populairder op wereldmedium’. Lees dit artikel eens en geef dan op mijn weblog je mening. Link: http://80.126.213.52:591/eboomberg/nieuws/FMPro?-db=nieuws.fp5&-format=record.html&-lay=input&-sortfield=datum&-sortorder=descend&-sortfield=tijd&-sortorder=descend&-max=20&-recid=33223&-findall
Ja! Een erg lange link, maar als je niet  lid bent van de NRC moet je toch ergens anders het artikel vandaan halen.
In dit artikel gaat het vooral over de lokale dorpen en wat daarin gebeurd, maar moet dit ook landelijk gaan gebeuren, moeten grote uitgevers zich overgeven en een landelijk netwerk van stads- en dorpssite maken, waar de vrijheid werkelijk aan de lezer wordt gelaten en niet meer door redacteuren die bepalen wat er op de website komt te staan. Op de link http://www.marketingfacts.nl/berichten/dorpsnieuws
_wordt_populair_op_internet/
kun je een discussie lezen tussen ‘Anders Floor’ en ‘Reinout’, die allebei een andere mening hebben over het bovengenoemde feit. Anders Floor denkt namelijk dat het wel degelijk mogelijk is om een om een goed opgezet landelijk netwerk van stads- en dorpsites waar men de vrijheid werkelijk aan de lezer laat. En Reinout is hier niet mee eens, hij vind dat de grote uitgevers niet zoiets moeten gaan oppakken. 

Als ik nu verder ga met de vraag of er al grote uitgevers met deze ontwikkeling bezig zijn, kan ik daar gemakkelijk het antwoordt JA op geven. De fusiekrant van PCM en Wegener werkt namelijk aan een nieuwe krant en dat is een website waarbij de lezer zelf ingezet wordt als journalist. Het doel van de initiatiefnemers is om zo snel mogelijk tot de top 3 nieuwssites van Nederland te gaan behoren. Projectleider multimedia van de nieuwe krant Jeroen Mann zegt: ‘ lezers kunnen straks zelf vooral regionaal nieuws aandragen voor de website.’ Hij zegt ook dat deze zogenaamde user generated content nieuw is voor Nederland. Maar dan kan ik zeggen dat dit natuurlijk niet zo is. Er zijn al jaren tal van weblog- en forumbezoekers die deze content produceren. Wel nieuw is dat deze content op een gestructureerde manier bij elkaar wordt gebracht en als nieuwssite wordt aangeboden.
Eric Borsje, Coördinator Internet bij het Rotterdams Dagblad, legt uit hoe lezers straks actief een bijdrage kunnen leveren aan het nieuws: “Lezers kunnen straks bijvoorbeeld uitgebreid, gemakkelijk en snel reageren op de inhoud van de website. Die reacties kunnen weer aanleiding zijn voor een redactioneel stuk in de krant. Ook tips, meningen, korte verslagen en foto’s van lezers kunnen heel interessant zijn.” Op deze manier worden krant en website ook een echte aanvulling op elkaar. 

Dat er steeds meer websites komen, waarin mensen zelf het nieuws of zelf hun ervaringen vertellen zie ik niet als een bedreiging voor de tijdschriftuitgeverij. Wel is het een bedreiging voor nieuwstijdschriften en kranten. Mensen zijn steeds meer geïnteresseerd in regionaal en snel nieuws en hoe kan je het beter of sneller ergens verkrijgen dan op het internet. Ook is de informatie vaak gratis wat ook een pluspunt is voor veel mensen. Ik zelf ben ook van mening dat het gratis verkrijgen van nieuws via internet erg makkelijk is. Ik denk dat kranten en tijdschriften zich meer in de richting van internet moeten begeven, omdat daar de toekomst ligt.

Extra Bronnen die ik heb gebruikt:
http://pjongsblog.blogspot.com/2005/08/user-generated-content-ook-ik.html
http://www.upstream.nl/comments.php?id=104_0_1_0_C

Recente ontwikkeling 1

Internet groeit ‘te’ hard

Bekend is gemaakt dat sinds vorige maand internet uit 100 miljoen sites bestaat. Dit stelde de Amerikaanse onderneming Netcraft vast, deze brengt al sinds 1995 de groei van het world wide web in kaart. Het gaat hierbij om sites met een domeinnaam en inhoud. Dit betekent dus dat er nog veel meer andere sites (zonder domeinnaam of enige inhoud) te raadplegen zijn. Doordat iedereen tegenwoordig op internet kan en kan vertellen wat hij/ zij wil, kun je de vragen stellen: wanneer is een website te vertrouwen en welke gevolgen heeft de explosieve groei van internet? De Britse ontwikkelaar van het world wide web Tim Breners-Lee, spreekt over zijn bezorgdheid: “Certain undemocratic things could emerge and misinformation will start spreading over the web”. Hij is bang dat er teveel informatie op internet komt te staan, die niet klopt of die kan leiden tot misopvattingen in bepaalde zaken. Deze kunnen weer tot ideeën leiden die niet goed zijn voor de mensheid. Met andere woorden iedereen kan ongecontroleerd informatie verspreiden op het internet. Verder zegt hij, dat als we nu al niet in staat zijn om de groei van internet te snappen, we uiteindelijk zullen eindigen met erge dingen die gaan gebeuren doormiddel van internet.

De ontwikkeling van internet heeft natuurlijk ook invloed op het mediavak, een van de beroepen waar deze ontwikkeling onmisbaar voor is, is het vak van webdesigner. Een webdesigner houdt zich voornamelijk bezig met het ontwerpen van websites maar ook met de inhoud. En als er dingen gaan veranderen met betrekking tot de inhoud of vormgeving van een website, dan moet je dat als webdesigner goed in de gaten houden.
Ook in de ICT is deze ontwikkeling onmisbaar. Een voorbeeld hiervan is het bedrijf ICT-office. In het bedrijf is voor een speciale gelegenheid aan de leden van ICT-office gevraagd de meest invloedrijke ontwikkeling te noemen voor zowel het eigen bedrijf als voor de hele ICT sector. De uitkomst was dat in beide gevallen de opkomst van internet het hoogste scoorde. Volgens algemeen directeur ICT-office Sylvia Roefs is deze uitkomst niet verrassend. ”Internet is namelijk niet meer weg te denken uit het dagelijks leven van de Nederlander. Ook het bedrijfsleven maakt meer en meer gebruik van datacommunicatie” aldus Sylvia Roefs.

Er zijn natuurlijk ook andere personen die een mening hebben over de groei van internet. Zo zou Engeland voorlopen op de rest van Europa, als het gaat om de ontwikkeling van internet? Volgens topman Sir Martin Sorell van WPP (werelds grootste communicatie service bedrijf) is het de enorme groei van het internetgebruik in Groot-Britannië die de groei van de alghele reclamemarkt in zijn land beperkt houdt.

Bronnen
http://www.parool.nl/media/2006/NOV/110206-miljoensites.html
http://news.bbc.co.uk/2/hi/technology/6108578.stm

ICT-office:
http://www.syntens.nl/SYNTENS/Innoveren/algemeen/trends
/nieuws/Internet+belangrijkste+ontwikkeling+van+afgelopen+10+jaar.htm


Topman Sir Martin Sorell van WPP:
http://blog.adformatie.nl/index.php/entries/wpp-baas-web-hindert-groei-reclame/

WPP:
http://www.wpp.com/WPP/About/WhatWeDo/

Nieuwe formule persoonlijke weblog

Doel weblog
Het doel van mijn weblog is informeren. Ik wil iedereen met ook maar een beetje interesse voor de media en de ontwikkelingen daarin informeren. Verder wil ik discussies uitlokken. Wat vinden mensen van een bepaalde ontwikkeling, is deze juist goed en geeft deze kansen of is het een slechte ontwikkeling en waarom dan.

Doelgroep weblog
De doelgroep voor mijn weblog is niet leeftijdsgebonden. Het is gericht op iedereen die kan lezen en interesse heeft in allerlei ontwikkelingen die plaats vinden in de media.  Ik wil graag mijn mening delen met andere over bepaalde ontwikkelingen. In mijn stukken tekst zal dan ook mijn mening weer worden gegeven (al zal dit niet altijd met veel woorden zijn).

Onderwerpen
-         Ontwikkelingen die volop in de media aan de orde zijn; wat voor gevolgen hebben deze ontwikkelingen voor mensen of bedrijven die samenhangen met deze ontwikkeling
-    Opvallend beeld gebruikt van kranten, tijdschriften en internet (op dit beeld kan gereageerd worden)

Redactionele formule
De tone of voice van mijn weblog is infomeel. Ik ga in de persoonlijke ik-stijl schrijven. Wat ik al eerder noemde is dat er ook beeld op mijn weblog komt te staan waar op gereageerd kan worden. Verder moet het beeld een toegevoegde waarde hebben bij de tekst.

Van Marieke